Waarover gaat het
Een Europese verordening die de ‘onbetwiste schuldvorderingen’ eenvoudiger, makkelijker en sneller moet regelen. En dit voor betalingsachterstanden bij grensoverschrijdende transacties. Een antwoord op een reëel probleem van betalingsachterstanden die vooral KMO’s en kleine zelfstandigen in de problemen brengen. Om die reden ook dat deze wetgeving quasi geruisloos door de handen van de senaat, de regering en de Kamercommissie is gegaan.
Addertje onder het gras
Er ligt echter meer dan één adder onder het gras. Het Belgische wetsvoorstel (790/01) en later wetsontwerpen (1287/001 – 1285/001) beperkt zich niet tot de Europese Verordening. Ze stellen dezelfde regeling voor als het gaat over binnenlandse transacties en over transacties tussen consumenten en handelaars. En net bij die laatste groep wringt het schoentje.
De regeling voorziet dat de schuldeiser een eenzijdig verzoekschrift, op basis van een standaardformulier, neerlegt bij de rechtbank. Dit verzoekschrift moet niet door een advocaat ondertekend zijn, hoeft niet gestaafd te worden met een geschrift vanuit de schuldenaar. Deze laatste hoeft niet verwittigd te worden of ooit een aanmaning ontvangen hebben. Eén factuur missen in je brievenbus, is genoeg om een gerechtelijke procedure te kunnen starten tegen u. Nadat de rechter een betalingsbevel uitschrijft moet de schuldenaar betalen of verzet aantekenen binnen de vastgelegde termijn. Zo niet dan krijgt het bevel een zogenaamde ‘uitvoerbare titel’, wat zoveel wil zeggen als de verplichting tot betaling zonder meer met de mogelijkheid om daarvoor een deurwaarder te sturen om beslag te leggen op bezittingen.
De gevolgen
Deze regeling heeft verregaande gevolgen, vooral voor de consument, zeker de sociaal minder weerbare groepen. Daarnaast lacht deze procedure met enkele fundamentele rechtsregels en met de inspanningen van organisaties, OCMW en regeringen omtrent schuldbemiddeling, minnelijke schikkingen, betalingsachterstanden, sociaal onderzoek, consumentenbescherming… Het is verbazingwekkend dat men er überhaupt aan denkt om deze regeling in te voeren. Een (onvolledig) overzicht:
- Het recht op wederwoord wordt flagrant met de voeten getreden: Het betalingsbevel kan beschouwd worden als een (voor)vonnis. Dit vonnis wordt geveld zonder dat er ook maar enige mogelijkheid is tot wederwoord van de schuldenaar, meer zelfs, de schuldeiser is in niets verplicht tot aanmaning of melding dat deze procedure ingezet wordt. In praktijk kan je door één onbetaalde rekening die tussen de reclame is blijven steken, een betalingsbevel in je bus krijgen. Een bevel dat enkel gebaseerd is op stukken voorgelegd door de schuldeiser. Als de schuldenaar geen verzet aantekent, bekent hij automatisch schuld en moet hij betalen. Er is zelfs geen enkele beroepsmogelijkheid meer. De juridische mogelijkheden om dit recht te ontwijken zijn er evenwel. Doch dan moet er een ‘voldoende bijzondere’ reden voor zijn. Aangezien de reden voor het tot stand komen van deze wet in het geheel niet ligt bij de betalingsachterstanden van consumenten kan je hier moeilijk van een gegronde reden spreken. Ook compleet onbegrijpelijk is dat men het heeft over ‘onbetwiste’ schuldvorderingen. Hoe kan je die conclusie trekken als de tegenpartij niet gehoord wordt? Begrijpe wie kan…
- Bescherming van de consument wordt in principe opgeheven. Je mag er misschien van uitgaan dat bedrijven meer middelen hebben om de juridische gegrondheid van het vonnis na te gaan alhoewel je ook hier al grote vraagtekens kan plaatsen als het gaat om kleine ondernemers en zelfstandigen. Als je echter de consument eenzelfde juridisch slagkracht wil toedichten dan een groot bedrijf dan zet je een stap uit de realiteit. Het niet aantekenen van verzet is in de huidige regelgeving een schuldbekentenis. De redenen om niet te reageren kunnen heel divers zijn: radeloosheid, gebrek aan administratieve en juridische kennis, geen kennis van zijn rechten als consument… De consument moet zelf uitzoeken of de aangerekende bedragen, verwijlinteresten en administratieve kosten terecht zijn en binnen de wetgeving vallen. Kan hij dat niet dan moet hij deze na het verlopen van de termijn betalen, zelfs al zouden deze onwettig zijn! Beroep is niet meer mogelijk.
- De overheid ondergraaft het beleid van de eigen en andere regeringen en overheden. Schulden zijn bij een zeer grote groep mensen een probleem. Veel van deze mensen komen uit een armoedesituatie, anderen worden door hun schulden in de armoede gedreven. Gelukkig zijn er op het terrein diensten en organisaties actief die zo goed en zo kwaad mogelijk trachten om mensen te helpen. Schuldbemiddeling is een sector waarin gelukkig als stevig geïnvesteerd is en waar zelfs een consensus over bestaat dat dit in de volgende Vlaamse legislatuur nog sterker moet uitgebouwd worden. De OCMW’s worden dagelijks met schrijnende gevallen geconfronteerd, getuige zijn de vele signalen die vanuit gemeenten worden uitgezonden. Vanuit de verenigingen van mensen in armoede worden schulden steeds beschreven als de zwaarste last om dragen. De deurwaarder aan je deur krijgen is voor deze mensen een nachtmerrie. Met het huidige wetsvoorstel worden al deze diensten in de wind gezet. Welk commercieel bedrijf zal nog open staan voor pogingen om schulden geleidelijk in te vorderen met oog voor de reële situatie van deze mensen als één standaardformulier volstaat om een maand later het geld te incasseren? Het gaat hier niet over iemand die in z’n stamcafé nog een ‘poef’ open staan heeft. Iemand die bijvoorbeeld de telecom- of energiesector een beetje volgt, weet dat het over zeer grote groepen gaat. Een heel bevoegdheidsdomein van de gemeenschappen en de gemeentes wordt alle slagkracht ontnomen door een federaal wetsvoorstel. Er zijn al voor minder belangenconflicten ingeroepen.
- Rechter herleidt tot stempelmachine: Een rechter heeft als taak om recht te spreken. In deze procedure zou de taak van de rechter er slechts in bestaan om te kijken of de eis gegrond lijkt. Deze controle zal in de praktijk neerkomen op een vormcontrole, is het verzoek al dan niet volledig. Zelfs indien de rechter een meer volledige controle zou doen, hoe kan hij ooit recht spreken? Hoe je dit voor elkaar krijgt met eenzijdige bewijsvoering, de schuldenaar weet van niets, moet men toch eens verklaren…
Waarom wordt zo’n wet ingediend? Wij vragen het ons oprecht af. De reden kan niet zijn het wegwerken van de gerechtelijke achterstand bij de huidige procedure om deze geschillen te regelen. Als je de deur openzet voor massale claims tegen consumenten, dan mag je procedure nog eenvoudig zijn. De kortere procedure weegt niet op tegen de macht van het getal. Europa vraag om de grensoverschrijdende transacties te regelen. De bedrijven hun betalingsachterstand komt voornamelijk van andere bedrijven en de overheid, niet van particulieren. Ook daar ontbreekt er de noodzaak om de binnenlandse consumententransacties mee op te nemen in deze wet. Toen men ooit er voor koos om een burgerlijk wetboek te maken en een wetboek voor koophandel, wist men dat deze groepen niet gelijk kunnen behandeld worden. Is men dat dan nu vergeten?
Wat kunnen we doen?
Wat kan er dan wel gebeuren? Wel eerst een vooral is het noodzakelijk om de binnenlandse consument uit deze regeling te halen. Aangezien het deel over de binnenlandse consument helemaal niets te zien heeft met de Europese verordening kan je hier wel de tijd voor nemen. Indien je de procedure wil aanpassen, wat voor ons niet uitgesloten is, doe het dan tenminste goed en doordacht. De federale overheid moet overleggen met de sector die bezig is met schulden en schuldbemiddeling, met consumentenorganisaties, met vertegenwoordigers van steden en gemeenten, met de deelstaatregeringen en armoedebestrijdingorganisaties. Het goedkeuren van het huidige voorstel zou niet enkel asociaal zijn maar ook een fundamenteel teken van ondoordacht, slecht bestuur.
(bron: welzijnszorg vzw) |